Liquiditeitsprognose maken: stappen, voorbeeld en de valkuilen
12 oktober 2026
Of het in januari past, kun je in oktober al weten. Als je het uitrekent. Zo maak je een liquiditeitsprognose, met een voorbeeld van zes maanden en de fouten die hem onbruikbaar maken.
De derde week van de maand. De loonrun staat klaar, de btw-afdracht van het kwartaal valt volgende week en je grootste klant heeft de factuur van vorige maand nog niet betaald. Je opent de bankapp en probeert uit je hoofd te rekenen of het past.
Meestal past het. Soms net niet, en dat merk je pas als het te laat is om nog iets te verschuiven. Een liquiditeitsprognose haalt dat rekenwerk uit je hoofd. In dit artikel lees je hoe je er een maakt, met een ingevuld voorbeeld van zes maanden, waar het bijna altijd misgaat en hoe je hem uit je administratie laat komen in plaats van uit Excel.
Wat een liquiditeitsprognose is, en wat niet
Een liquiditeitsprognose is een overzicht van wat er de komende maanden binnenkomt en wat eruit gaat, met per maand het saldo dat overblijft. Hij gaat over geld op de bank, niet over winst. Je resultatenrekening zegt of je winst maakt; je liquiditeitsprognose zegt of je eind januari de btw kunt betalen.
Precies dat verschil maakt hem nodig. Een winstgevend bedrijf kan in een slechte maand toch onder nul zakken, bijvoorbeeld omdat een grote klant laat betaalt terwijl de lonen gewoon doorlopen.
Verwar hem ook niet met een liquiditeitsbegroting. Die maak je één keer per jaar, als plan. De prognose werk je steeds bij op basis van wat er nu werkelijk openstaat: een vooruitblik van een paar maanden die je regelmatig ververst.
Maak hem in vijf stappen
1. Begin bij het saldo van vandaag. Tel je bankrekeningen bij elkaar op, inclusief de spaarrekening. Een G-rekening tel je alleen mee voor de btw en loonheffing die je ervan mag betalen. Dat is je beginsaldo voor de eerste maand.
2. Zet de ontvangsten per maand neer. Begin met wat je al weet: de openstaande verkoopfacturen, op de maand waarin je verwacht dat ze betaald worden. Reken met je werkelijke betaaltermijn, niet met de termijn op de factuur. Betalen je klanten gemiddeld na 41 dagen, dan valt een factuur van eind oktober in december. Vul daarna aan met de omzet die je nog gaat factureren.
3. Zet de uitgaven per maand neer. Openstaande inkoopfacturen op hun vervaldatum, de lonen, de vaste lasten zoals huur, verzekeringen en software, en de aflossingen op leningen. Vergeet de belastingen niet: de btw per kwartaal, de loonheffing per maand en de voorlopige aanslag vennootschapsbelasting.
4. Zet de eenmalige posten erbij. Een investering, het vakantiegeld in mei, een dividenduitkering. Juist deze posten maken of breken een prognose, omdat je ze in de maandcijfers van het afgelopen jaar niet terugziet.
5. Rol het saldo door. Beginsaldo plus ontvangsten min uitgaven is het eindsaldo, en dat is het beginsaldo van de volgende maand. Zet er een ondergrens bij, het bedrag waaronder je niet wilt komen, en kijk in welke maand je die raakt.
Een ingevuld voorbeeld
Een groothandel met een beginsaldo van 68.200 euro, de komende zes maanden, fictieve cijfers. De btw gaat per kwartaal: eind oktober over het derde kwartaal, eind januari over het vierde.
| Bedragen in euro | okt | nov | dec | jan | feb | mrt |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Beginsaldo | 68.200 | 52.200 | 54.200 | 50.200 | 28.200 | 31.200 |
| Ontvangsten van klanten | 82.000 | 78.000 | 70.000 | 74.000 | 80.000 | 84.000 |
| Inkoop en leveranciers | 38.000 | 36.000 | 34.000 | 35.000 | 37.000 | 39.000 |
| Lonen en loonheffing | 31.000 | 31.000 | 31.000 | 31.000 | 31.000 | 31.000 |
| Vaste lasten | 6.500 | 6.500 | 6.500 | 6.500 | 6.500 | 6.500 |
| Btw-afdracht | 20.000 | 0 | 0 | 21.000 | 0 | 0 |
| Aflossing lening | 2.500 | 2.500 | 2.500 | 2.500 | 2.500 | 2.500 |
| Netto mutatie | -16.000 | +2.000 | -4.000 | -22.000 | +3.000 | +5.000 |
| Eindsaldo | 52.200 | 54.200 | 50.200 | 28.200 | 31.200 | 36.200 |
Oktober en januari zijn allebei btw-maanden, maar ze lopen heel anders af. Oktober vangt de afdracht op. In januari valt hij samen met een tragere december, en zakt het saldo naar 28.200 euro.
Hanteer je een ondergrens van 30.000 euro, dan weet je nu al, in oktober, dat januari krap wordt. En dan is er nog tijd: een betaling verschuiven, een klant eerder laten betalen of de kredietruimte alvast regelen. Dat is de waarde van een prognose: niet het cijfer zelf, maar de maanden voorsprong.
Waar het bijna altijd misgaat
Een goede maand doortrekken. In september kwamen drie grote facturen tegelijk binnen. Neem je die maand als basis voor de komende zes, dan reken je jezelf rijk. Kijk naar een langere periode en haal de uitschieters eruit.
De belastingen vergeten. Btw is geen kostenpost, dus je ziet hem in je maandcijfers niet terug. Loonheffing zit wel in je loonkosten, maar je betaalt hem een maand later. In je prognose horen ze allebei, op het moment dat je ze afdraagt. Het voorbeeld hierboven laat zien wat één kwartaalafdracht met een saldo doet.
Winst en geld door elkaar halen. Afschrijvingen kosten geen geld, een investering wel. Omzet is pas geld als de factuur betaald is. En voorraad die je inkoopt is geld dat weg is, ook als hij nog in het magazijn ligt. Een prognose rekent met betalingen, niet met boekingen.
Hem één keer maken. De prognose van oktober klopt in december al niet meer, want er is sindsdien gefactureerd, betaald en besteld. Een prognose die je niet bijwerkt, drijft steeds verder van de werkelijkheid af. Daarom belanden zoveel Excel-prognoses na drie maanden in een la.
Haal hem uit je administratie in plaats van uit Excel
Alles wat je in de vijf stappen invult, staat al in je boekhouding: het banksaldo, de openstaande facturen met hun vervaldata, het betaalgedrag van je klanten en de vaste lasten van de afgelopen maanden. Met Exact AI Connect, of de variant voor AFAS en Twinfield, maakt Claude daar een liquiditeitsprognose als dashboard van.
Het dashboard vertrekt vanuit je huidige saldo en je openstaande posten. Daarna rekent het zes maanden vooruit op het niveau van de laatste zes volledige maanden, zonder die ene uitschieter door te trekken. Met schuiven voor omzetgroei, kosten, betaaltermijn en investeringen reken je je eigen scenario's door.
Het grootste verschil met Excel zit in stap vijf: bijwerken. Elke keer dat je het dashboard opent, staan de cijfers van dat moment erin. Wat het niet doet, is een begroting voor je invullen. Het rekent met wat er in je administratie staat en met de aannames die je zelf instelt, en die aannames staan uitklapbaar bij het rekenmodel.
Hoe je zo'n overzicht zelf opvraagt en bewaart, staat stap voor stap in Dashboards maken in Claude. De andere overzichten, zoals de checklist voor je maandafsluiting, vind je bij de financiële dashboards.
Wij vinden dat een prognose pas iets waard is als je hem in maand drie nog steeds opent. Daarom horen de cijfers uit de administratie te komen, en niet uit een bestand dat iemand moet bijhouden.
Reken het zelf na. Start 30 dagen gratis →
Probeer deze vragen in je eigen AI-assistent
- "Maak een liquiditeitsprognose voor de komende zes maanden op basis van mijn banksaldo, openstaande facturen en vaste lasten."
- "In welke maand komt mijn saldo onder de 30.000 euro, en waardoor?"
- "Wat gebeurt er met de prognose als mijn klanten tien dagen later betalen?"
- "Welke openstaande verkoopfacturen komen waarschijnlijk pas na de vervaldatum binnen, gezien het betaalgedrag van die klanten?"
Voordelen en aandachtspunten
Voordelen van een prognose uit je administratie: hij is altijd bij, hij rekent met het werkelijke betaalgedrag van je klanten in plaats van met de termijn op de factuur, en je ziet een krappe maand aankomen terwijl je er nog iets aan kunt doen.
Aandachtspunten: de prognose is zo goed als wat er in je administratie staat, dus een bank die een week achterloopt of facturen die nog niet zijn ingeboekt, zie je terug in de uitkomst. Eenmalige posten die nog nergens staan, zoals een geplande investering, zet je er zelf bij met de schuiven. En het dashboard vraagt het Analytics-abonnement plus een betaald Claude-abonnement, want daar draait het. Op Essentials stel je wel vragen over je administratie en krijg je het antwoord in het gesprek, zonder dashboard.
Veelgestelde vragen
Voor het dagelijks sturen zijn drie tot zes maanden genoeg; daarna wordt de onzekerheid groter dan de voorspelling waard is. Een bank vraagt bij een financiering meestal om twaalf maanden. Maak in dat geval de eerste zes maanden gedetailleerd en de tweede zes op hoofdlijnen.
De begroting is het plan voor het jaar, de prognose is de bijgewerkte verwachting op basis van wat er nu openstaat. In de praktijk leg je ze naast elkaar: wijkt de prognose af van de begroting, dan weet je waar je moet bijsturen.
Ja. De prognose heeft alleen je saldo, je openstaande posten en je historie nodig. Een begroting is een extra vergelijking, geen voorwaarde.
Ja. Reken je ontvangsten en uitgaven inclusief btw, en zet de afdracht als aparte uitgave in de maand dat je hem betaalt. Bij een kwartaalaangifte is dat uiterlijk de laatste dag van de maand na het kwartaal, dus eind januari, april, juli en oktober.
Minimaal elke maand, nadat de bank is bijgewerkt. Komt de prognose als dashboard uit je administratie, dan hoef je niets bij te werken; je opent hem en de cijfers zijn van dat moment.